voda schreef op 18 augustus 2014 20:49:
Wat leuke bierspreuken!
- Met een krat bier in huis vallen.
- Morgenstond heeft een kater in de mond.
- Als je hoort hoe het klokje thuis tikt, zit je niet in het café.
- Wie een kuil graaft voor een ander krijgt dorst.
- De kater in de put vinden.
- Eén biertje maakt nog geen dronkenschap.
- Als ma van huis is, komt het bier op tafel.
- Beter één biertje in de hand, dan tien op de grond.
- Waar gedronken wordt, vallen druppels.
- Het bier niet opdrinken voordat het getapt is.
- Hoe meer biertjes hoe meer vreugd.
- Oost west, dorst gelest.
- Zoals het tapje thuis tapt, tapt het nergens.
- Als het bier gedronken is, sluit men de tap.
- De glazen horen klinken, maar niet weten waar de tap is.
- Er zit een addertje onder mijn glas.
- Het twintigste pilsje is een daalder waard.
- Wie Amstel zegt, moet ook bier zeggen.
- Alleen voor bier komt de aap uit mijn mouw.
- Weten waar Abraham zijn bier haalt.
- Het bier bij de buren is altijd koeler.
- Zelfs de beste drinker verslikt zich wel eens.
- Een goed café om de hoek is beter dan een verre brouwerij.